160228_logos-op-rij

Werken van Liszt, Chopin, Schäfer en Schlegel. Zondag 19 februari 2017 – 16.00 uur. Jacob Bogaart, piano

“Een voorname persoonlijkheid treedt ons in de muziek van Schlegel tegemoet”, aldus Eduard Reeser in zijn standaardwerk Een eeuw Nederlandse muziek 1815-1915:

Reeser: “Dat in deze periode de muzikale vooruitstrevendheid lang niet altijd door de leeftijd werd bepaald, leert ons Leander Schlegel (1844-1913) (…) wiens muziek ongeveer gelijktijdig is verschenen met die van Gerard von Brucken Fock, Lies, Berghout, Kuiler en anderen die zich omstreeks 1900 voornamelijk op het componeren van liederen, piano- en kamermuziek hebben toegelegd, en niettemin veel losser van de traditie is gekomen dan die van de jongeren, waarmee zij het uitgangspunt – de richting Schumann-Brahms – gemeen had.

Schlegel is in Oegstgeest geboren en werd tot pianist opgeleid aan de Leidse muziekschool en aan de conservatoria in Den Haag en Leipzig. (…). Herhaaldelijk trad hij als solist en begeleider op, waarbij hij vooral als vertolker van Schumann bewondering wekte. Van die voorkeur getuigt ook zijn componeren, dat in de Duitse romantische sfeer zijn uitgangspunt heeft gevonden.

Een voorname persoonlijkheid treedt ons in de muziek van Schlegel tegemoet; de gebondenheid aan een muzikale traditie, die op het eind der negentiende eeuw in ons land nog altijd van grote invloed was, heeft het zich ontplooien van een oorspronkelijke fantasie allerminst in de weg gestaan, en daar deze componist zich nooit afzijdig heeft willen houden van wat de Duitse muziek in zijn tijd aan nieuwe ontwikkelingsmogelijkheden bood, gaat er van zijn werk een frisheid en levendigheid uit die zich wel heel gunstig onderscheidt van de ouderwetsheid die zoveel Nederlandse muziek op Duitse grondslag reeds bij haar ontstaan aankleefde. In zijn Pianokwartet op.14 is de invloed van Brahms nog onmiskenbaar. (Reeser)

Op 22 mei vorig jaar verscheen van meesterpianist Jacob Bogaart de 8-cd box The Art of Dutch Keyboard Music 1600 – 2000. Wanneer hij dit seizoen in De Paulus optreedt, is precies een jaar geleden dat deze inderdaad monumentale prestatie wereldkundig werd gemaakt: http://www.jacobbogaart.com

In deze unieke verzameling nam Bogaart vier werken van Leander Schlegel op, hij heeft er evenwel meer in petto. Via zijn website is meteen Schlegels Balade opus 2 (1882) te beluisteren, een prachtige en waarachtig voorname compositie. Ook dit werk is op 22 mei 2016 in De Paulus te beluisteren.

Schrijver, publicist en musicoloog Bas van Putten noteert in zijn toelichtingen bij Jacob Bogaarts The Art of Dutch Keyboard Music:

“Leander Schlegel (1844 – 1913) is te exquise voor zijn lot. Hij wordt in Leiden geboren [hier wordt bedoeld op Oegstgeester grondgebied dat later bij Leiden is gaan horen, zijn geboortehuis stond tegenover Molen De Valk, aan de overzijde van de Singel – LK] als zoon van de befaamde Duitse ornitholoog Hermann Schlegel, de latere directeur van het Rijksmuseum van natuurlijke historie in die stad [tegenwoordig Naturlalis – LK]. Leander begint op zesjarige leeftijd te componeren. Hij studeert viool, piano en nog wat andere instrumenten in Leiden en Den Haag, vertrekt voor zijn conservatoriumopleiding naar het conservatieve Leipzig., om na terugkeer in Leiden de nederige betrekking van vioolleraar te aanvaarden aan de muziekschool, hoewel hij als pianist optreedt.

[Bas van Putten] “Na nog een vierjarig verblijf in Frankrijk en Duitsland landt hij in Haarlem als directeur van een muziekschool [de muziekschool van de plaatselijke afdeling van de Maatschappij ter bevordering van de Toonkunst en in die functie tevens dirigent van het Toonkunstkoor aldaar; LK].

Als componist neemt hij de tijd. Als in 1881 – wel meteen bij Schott in Mainz – zijn Drei Klavierstücke op.1 verschijnen, is hij achterin de dertig. In de majestueuze Ballade op. 2 (1882) zijn de stilistische oriëntatiepunten helder – Brahms, Chopin en nog eens Brahms [Eduard Reeser acht de invloed van Robert Schumann sterker – LK] – maar het raffinement van de klavierzetting en het gemak van uitdrukking verraden een persoonlijkheid die een vreemde taal naar zijn hand weet te zetten. De heftigheid van het stuk suggereert dat er een verborgen programma aan ten grondslag ligt. Het wordt voortgestuwd door een gloeiende passie die innerlijke barrières keer op keer symbolisch overwint; steeds weer dat talmen, dat inhouden, die laatste aarzeling voor de bestorming van Walhalla, waarna de lust en onlust toch door alle muren breken.

Wat Schlegel vervolgens aan kamermuziek, liederen en pianowerken schrijft is opmerkelijk. Doordat het de Brahms-taal zeer dicht nadert en tegelijkertijd ondermijnt met een aan Skrjabin herinnerend chromatisch raffinement dat zich vier jaar later in het karakterstuk Der arme Peter – naar Heines gedicht over een jongen die maar liever dood wil – met metafysische verbeeldingskracht in alle richtingen vertakt terwijl de linkerhand gelaten de in b-klein blijft hangen. Het werk is ‘Clara Schumann in hoher Verehrung gewidmet’. De diepe neerslachtigheid van de muziek echoot na in de onfrivool complexe Wals uit de Vier Klavierstücke op. 30 (ook bekend onder de titel In’s Album) – ‘mässig, schrijft Schlegel voor, ‘etwas sehnsüchtig – en het bewolkte Tonstück op. 26 nr. 1 van 1911, alweer zo’n hoge vlucht in degelijke Brahms-camouflage.

Een grootmeester die misschien wel voor zijn aanspraken op grootheid terugschrok, getuige een brief aan zijn oud-leerling J.C. Tadema: “Een componist moge nog zoo hoog met zijn werk ingenomen zijn, wanneer hij eerlijk is en ’t ernstig met de kunst neemt, bekruipt hem toch menigmaal de vrees welk figuur hetzelve in het openbare leven slaan zal. Vooral heeft de ondergeteekende daar ruimschoots reden toe: hij is een stille droomer, blaast wat in uiterlijk vertoon alsof hij met opzet (’t geen toch heusch nooit ’t geval is) den onbeminnelijke uithangt en stelt zich noode eens zelf op den voorgrond.

Op 25 mei 2015 was in het NPO-progamma Kunststof een fascinerend vraaggesprek te horen met ‘uomo universalis’ Jacob Bogaart: http://www.npo.nl/kunststof-jacob-bogaart-pianist/25-05-2015/RBX_NTR_700845

Toegangsprijs: € 25,00 voor volwassenen, € 10 voor studenten, en tot 18 jaar vrij entree maar dan wel in gezelschap van een volwassene met een kaartje.

Nota bene: Het is raadzaam plaatsen in de intieme ambiance van de Paulus te reserveren.

Stuur tijdig een mail naar tickets@musaix.org[/half]